“Mijn medewerkers nemen geen verantwoordelijkheid!”

“Het lijkt wel of ik de enige ben die hier keihard aan het werk is! Mijn medewerkers nemen geen enkele verantwoordelijkheid!”, zo foeterde een leidinggevende die ik coach. Ze was er helemaal klaar mee dat ze voor de zoveelste keer pas thuis kwam toen haar jonge kinderen al op bed lagen en ze de hele avond achter haar computer doorbracht, omdat ze heel de dag bezig was geweest met medewerkers die al haar aandacht opeisten, waardoor ze nog 150 ongeopende mails in haar inbox had zitten.

Nu is het een beetje lullig als ik zeg dat dat haar eigen schuld is. Want dat is natuurlijk niet zo. Niet helemaal althans… want toen we inzoomden op het patroon dat ze met haar medewerkers telkens doorloopt, ontdekte ze dat ze zelf onbewust het onverantwoordelijke gedrag van haar medewerkers in stand houdt. Nu ze dat weet, kan ze het patroon ook doorbreken.

Over dit soort onbewuste patronen tussen leidinggevenden en medewerkers, sprak ik tijdens een inspiratiesessie. Anita Tijsma tipte me na afloop op dit fragment uit de film Ray.

“Help, mama please help me!”, roept haar blinde zoontje nadat hij op de grond is gevallen. Haar intuïtie en verantwoordelijkheidsgevoel zorgt ervoor dat ze naar hem toe wil gaan om hem te helpen opstaan. Maar het besef dat ze niet zijn leven lang zijn ogen kan zijn, zorgt ervoor dat ze stil blijft staan. Na meerdere hulpkreten staat de kleine Ray Charles uiteindelijk zelf op. En met zijn opstaan, ervaar je als kijker van de film zijn andere zintuigen; je ziet en hoort wat hij waarneemt. En zijn moeder ziet wat hij kan zonder haar hulp. Het mooiste cadeau dat een moeder kan krijgen.

In de inspiratiesessie vertelde ik hoe het komt dat je vaak onbewust in stand houdt wat je niet wilt. Leidinggevenden voelen zich vaak zo verantwoordelijk voor het werk dat een medewerker doet, dat ze er onbewust voor zorgen dat die medewerker juist geen verantwoordelijkheid meer neemt.

De meeste ouders zouden hun zoon wél te hulp schieten als hij valt, omdat ze zich verantwoordelijk voelen. Als die ouders dat doen, zal het kind denken dat hij het niet zelf kan, waardoor hij nog vaker zal vallen. Waardoor de ouders het kind nog veel vaker zullen moeten helpen.

Simpel gezegd werkt zo’n patroon als volgt:

De ander doet iets waardoor jij wat denkt en voelt. En doordat jij dat denkt en voelt, reageer je door iets te doen. Vervolgens denkt en voelt de ander iets naar aanleiding van jouw gedrag en vanwege die gedachte en gevoelens reageert de ander, waar jij weer op reageert. Dat kan zo door en door gaan.

Een leidinggevende liet zich tijdens de inspiratiesessie als demonstratie kort door mij coachen. Hij vertelde over een privésituatie die iedereen met kinderen herkent. Zijn dochter ruimt haar kamer nooit op en dat frustreert hem mateloos. Elke dinsdag komt de schoonmaakster en doorlopen vader en dochter het volgende patroon: hij brult dat ze haar kamer moet opruimen, waarop zij weigert ook maar iets op te rapen, waardoor hij nog harder roept dat ze dat wél moet doen. Zowel vader als dochter voelen zich ongelukkig met dit patroon. Hij heeft meermaals bedacht om voortaan te denken dat het hem niet interesseert hoe haar kamer eruit ziet. Maar dat werkt niet, want het interesseert hem wel!

Het heeft geen zin om niet te willen denken en voelen wat we denken en voelen. Daar trappen onze hersenen niet in. Denk maar eens niet aan een roze olifant… Je kunt je wel afvragen of die gedachte echt waar is en of het gevoel terecht is. Zo kwam de vader er tijdens de demonstratie achter dat hij denkt dat je niet kunt leven in zo’n rommel. En hij besefte dat hij zich voelt falen als vader wanneer zij haar kamer niet opruimt. Toen hij die gedachte en dat gevoel in twijfel durfde te trekken, realiseerde hij zich dat zijn dochter wel degelijk kan leven in de rommel en dat de kwaliteit van zijn vaderschap niet afhankelijk is van de mate waarin haar kamer is opgeruimd. Toen ik hem vroeg wat hij zou doen als hij zich dat realiseerde, zei hij dat hij waarschijnlijk op dinsdagmorgen gewoon aan haar zou vragen of ze klaar is voor de dag. Waarop zij zich waarschijnlijk zou realiseren dat de schoonmaakster komt en daarom in ieder geval het minimale zal opruimen voordat de schoonmaakster haar kamer betreedt. 

Een mooi voorbeeld hoe je de cirkel waarin je juist in stand houdt wat je niet wilt kunt doorbreken.  

Wat houd jij onbewust in stand?

Ben je benieuwd wat jij doet waardoor je juist niet bereikt wat je wilt? Of wil je een inspiratiesessie waarin ik jou en je collega’s met een aantal demonstraties laat zien hoe je zelf het een ongewenst patroon kunt doorbreken?

Ik ben Martine Veeger. Ik coach leidinggevenden en geef inspiratiesessies over eigenaarschap. Ik kijk daarbij altijd naar jou als persoon (waarom doe jij wat je doet) en je organisatie (hoe verbeteren medewerkers de bedrijfsresultaten?).

En ik schrijf een boek met de werktitel: Nooit meer trekken en sleuren, zo creëer je eigenaarschap bij medewerkers. Kun je niet wachten tot het in de winkels ligt en wil je af en toe een voorproefje ontvangen? Geef dan via onderstaande knop je mailadres op.

Deze artikelen vind je misschien ook interessant